Ik ben blij dat ik niet meer rap moet rijden.
Ik moet niet meer rap zien.
Vroeger in competitie was dat wel. Ik deed dat nu wel heel graag.
Ik had het eerst verwacht dat ik niet zou graag fietsen.
Maar als je in Afrika kan genieten van je fietstortje, kan het nergens niet meer.
Philipp Meihage, de ex-wereldkampioen-mountainbike,
zit nog altijd graag op de fiets.
Hij is nu coach bij de nationale juniorenploeg,
maar hij is ook de bezieler van de Senegal Classic.
Met 35 mountainbikers in zijn wiel
doorkruist hij een van de warmste en meest afgelegen streken ter wereld.
De Senegal Classic is geen wedstrijd.
De deelnemers rijden op een weekzond 500 km van Dakar naar Tambakunda.
Maar bij temperaturen boven de 40 graden is fietsen niet te onderschatten.
Ook uit onze regio rijden er bikers mee.
Voor Eugène Dollander uit Silaay is het zijn eerste kennismaking met Afrika.
Tot op de wereld gaat het goed van de mord, op een gezapig tempo.
Alleen eens even de stand kunnen voelen.
En er is even goed doorgaan.
Als het straks is, zal het wel zeer warm worden.
Deze middag zijn er geen enkele woosken.
We zijn er volop op, dus we verwachten de temperatuur van het zand.
Het is rustig om op te lopen en de zon is zelf nog op je rug.
We worden al twee keer gebakken.
We kunnen er eigenlijk op ons zijn. Je hoort er een croissantje.
De tocht is vooral één groot avontuur.
Op twee wielen komt het peloton op plaatsen
waar geen enkele toeroperator je kan brengen.
Iedereen rijdt op zijn eigen tempo.
En Philip Mairhaag bewijst dat hij nog steeds de beste is.
Maar zo midden in de broes loopt het dan ook wel eens fout.
Een groepje achterblijfers is verkeersgereden.
Blijkbaar moeten er vier of vijf mensen een afslag gemist hebben.
Ik dacht dat we bijna altijd op hetzelfde pad reten,
de mede dat we een beetje konden doorrijden.
Er moet nog een klein splitsings geweest zijn
dat wij niet gezien hebben, dat zij wel gezien hebben.
En we hebben hier toch wel vier mensen met GPS.
Normaal is het altijd zo dat iedereen toch zeker een paar mensen kunt rijden,
want we zitten nooit zo heel ver van elkaar en gaan vangst.
De onzekerheid is van korte duur, want een half uur later
wordt de groep teruggevonden.
Hier zijn ze in de schoonige.
Ja, de mooie is de mooie, ja.
Ik denk dat die toch de beste witte.
Zwartschap, ja, ja, ja, ja.
Jolder Rijken uit Bevere doet mee om even tot rust te komen
en weg te zijn van de dagelijkse sleur.
En dat lijkt goed te lukken.
We zijn me heel santer, hè.
Ik heb een enkele probleem.
Het is de gode opschima, de benen zijn goed.
En ik verwacht toch wel een dimmeraas van iemand.
Om mee te mogen doen moesten de deelnemers elk 3.000 euro
inzamelen voor Vledeseilanden,
die NGO heeft onder meer in Senegal projecten lopen.
Hier in Senegal hebben we vier grote programma's.
Een reisprogramma, een cesamprogramma,
Fonio en Bananen.
En eigenlijk is het bedoeling dat boeren met die producten
op de markt raken.
Zoals je ziet, dat is hier allemaal redelijk afgelegen enzo.
Het is niet evident om die producten in elkaar te krijgen
om die verdeel te krijgen.
En dat is eigenlijk wat wij willen doen met Vledeseilanden.
Zorg je dat de boeren sterk genoeg zijn
en met die producten op de markt raken.
3000 euro is niet niks,
maar om het vertrouwen van hun sponsors niet te schade,
zijn de deelnemers bereid om in het rol te gaan.
Syndiqueses uit Ninoven ziet het zelfs even zwart worden
als ze met haar fiets over een kallenbas rijdt.
Ik denk op een halve pot, glazen pot of zo,
dat er de baan nog niet gezien en een klak overkop.
Ik zal het doen, hè.
Gelukkig heb ik niks gebroken, dus ik kan verder.
Maar de pijn is ondraaglijk
en Cindy stapt met gekneusde ribben in de volgwagen.
De volgende dag stapt Cindy toch terug op de fiets.
Alle deelnemers bereiken de eindmeid.
Deze ervaring neemt niemand hen nog af.
