was onderrigt geworden, de vrijdom te bespruken
en uijt het gok der slaverin ten kosten van haar
boedel te ontstaan, haar twee slavinnen met naamen
Minerra van Java, en Dina van Ceijlon onder de
mits en Conditie nogthans dat zij beijde gehouden
zullen zijn bij haar testatricis ondertenoemene
dogter Theodora Leentje Hulsinga, geduurend
haar verblijft alhier te blijven dienen en op te paayjen
en dezelve na Nederland vertrefkende zal de
Laast Gemelde Dina, haar tot naar der„
waarts toe moeten volgen, aan bij derzelver
tusschen komende afsterven zal de Slavinne
Minerra haar plaatse moeten vervullen, om der
testatrice welmelte dagter Euroroa waarts te
brengen als wanneer en in welken tijd zij Eerst
van hun absolute Vrijdom zullen komen te Gan„
deeren
Voorts verklaarden den heer testateur tot
zijne eenige algeheele ende universeele Erfgenaame
te noemineeren ende te institueeren zijn huisvrouw
de Juff=r testatrice en dezen en dat in alle zijne
nalatene goederen, zo roerende als oproerende
Jtem actien en Creditien niets ter wereld uit„
„gezondert met deezen verstande nogthans, dat
zijne gemelde huisvrouw en eergenaame gehouden
en verpligt zal weesen, aan het kind ofte
de
—
