zijn tot uit Reekeng zijner te goed hebben de maend gelden a
geene welke het uit kragte deezes zalke behooren.
Voorts verklaarde den Testateur zeg voor te behoorden de
firle reservetoor.
Het voorenstaande den Testateur duijdelijk voorgeleezen en
sijne verklaaring bij hem zeer wel begreepen zijnde, zo betuijge
dit te zijn zijn Testament, uiters te ofte laeste wille, willende
begeerende dat het aldus zal werden agter volgt, het zij als tet
ofte codicil; zo en indier voege als het best en rechte zalkunnen bestag
verzoekende daar omtrent te mogen gandeeren van het summum
„ficium
Aldus Getesteert te houglij in Bengale ter presentie van J
Coenraed Kaijzen en Rudolff: Phelip van heijden als Getuijg
toe verzocht.
Wij ondergeteekende Eerste geswoore Clercq en Getuijgen verko
dat het bovenstaande Testament de Comparant voorgeleezen zijnde
en op de vraegen als in het vorenstaende Testamentaire slet zijn
keuring hadde doen volgen met te zeggen sa mijn Heer, daar op en
voor de Onderteekening is komen te overlijden zonder bevorens tot zijn
kennisse weder gekomen te zijn.
/:Waes getekend/ J: H: Guerin. C: G: Clen
