83
in Naemen Albertina, oud vier Iaaren en Johanna Elisabeth, Een
Iaar oud, tot zijn of haar Eenige en universeele Erfgenaamen, te noeminee„
„ren in institueeren en dat in alle de Eerst stervende natelatene goederen
zoo Roerende als onroekende, actien en Crediten mits uitgezondert
_o
Tot Erecuiteur of 6 wecutrice deeser testamente, Boedel Reideraars„
„ter of Ridderaar, begravenis Bezorgers of besorger, en voogdesse of voogd
over hunne natelatene kinteren en meede Erfgenaeme, stellen en noe„
„mineeren zijn Testateuren aen d’Eerst stervende d’ langs lievende van hun
Beide en dat met toevoeging van zodanige Last, magt en authorisatie, als
na regten kan werden gedefereerd, onder des die van assumtie substutitie en
Suuragatie
Maar den Testateur de Eerststervende zijnde zoo verklaarde den zelve, met en
benevens zijne huijsvrouw de Testarice in deesen, deszelvs Broeder
D6:
Christiaan Lodewijk Teimig, koster van de Lutersche kuk alhier, te
Constitueeren tot Executeur zijner Boedel en Nalatenschap en begravenis bezor„
ger en dat met Even gelijke last, magt en gesag, als voorsz: staat.
Tot Executeurs over des testateurs bij dE: Comp„e te goed behoudene maand
gelden, versoekt en nomineerd hij zeer Eerbiedig, de Wel Edele Groot
agtb:
heeren Bewind hebberen der geoctroijeerde oost Indische Comp„s ter Kamer Amster„
„dam, voor dewelke hij betuigde alhier in dienst aangenoomen te zijn
met beeede,
dezelve te willen doen betaalen aande uitkragte deeses daar toe geregtigde:
—
Gecludeerende de testateuren uit hunne boedel en nalatenschap T
berwaar„
„de Collegie van Heeren Weesmeesteren, en dan tistateur boven dien nog, de
heeren Curatoren Adlitis, zoo hier als ter plaatse daar des Eerstervendes sterfd
geval mogte komen te Exteeren, onaangezien mijne dien aangaende gedaane priadvertentie:
Eindelijk betuigden de testateuren, dat kunnen boedel geen sWee duizend
Vegaden
