De Testateuren verklaarin
Jelles Mellema 1758
geen tweeduizend rijxd„s in de
waereld te hebben
In den Name des Heeren Amen.
Heeden den 6„e November A:o 1758.
Vervoegde ik mij Jan La Pro, boekhouder en geswoscriba
dezes Comptoirs, met de naar tenoemene Getuijgen.
Ten huize en voor de Slaapsteede van den alhier be„
68.
„scheijden Krankbesoeker Jelles Nellema van de scheemda
en Dorothea Elisabeth Abrahams van Samarang,
Echte lieden, vindende den Eersten ziek te beddeleg„
gende, dog zijn verstand en uijtspraak ten vollen magtig
en acht kende en de tweede aezend van lichao
Clausule Reservatoir thans de navol„
gende Legaten te vermaken ende te be„
spreeken Namentlijk
Aan de Luithersche Kerk der steede
Batavia, alle des Heer Testateurs
te goed hebbende gage.
Aan de Diaconie Aomen ter gemelde
Hoofd Plaatze een somma van Twee„
hondert en Vijftig Rijxd„s hold: a 48 sw AC: red
Aan de ten dezen Comptoire door sijn
Wel Edele nieuw opgebouwde Kerk
een somma van Twee honderd gelijke
Rixd„r te betalen nevens het vooren
staande gelegateerde uit sijn Wel Ed„e
gereede middelen
Aan de Heer Nicolaas de Laeg,
Coopman woonachtig te overschie, een
handrotting met een goude Knoop„
Wijders ontflaat den Heer Testateur
onder de gewoone restrictien uit den
Band der Slavernge den Manslaaf
Fortuin van Maccassar en Candace
van Mandhar, en legateerd aan ieder
van hen een somma van Eenhonderd
en Sestig spaansche realen a60 stver„
ieder, direct na Sijn Wel Ed„e Achtbare
Overlijden aan hen uit te keeren onder
deze
ia
Monij
soldij
m
6
eerende
van
rik
16„
P
ijter„
gof
ate„
Noeti
nen
de
onen
rant
ne
2
lEdelen
peken
1
welke
