In den Naame Godes, Amen
Op huyden den agtsten dagh van den maend April en
des Jaers onses Heeren, Een Duyzend seven honderd
een en Vijfftig, Compareerde voor my Capit: Luijsenant Coone
lis Vis van dE. E„s agtbaeren heeren Bewind hebberen
tot ’t passeeren deses gauthoriseert, den Onderstuurman
Pieter Gernag geboortig van Vlissingen, met de naver„
melde getuijgen, bescheyden op desen bodem, en meede
gedestineert naa 't liewe Vaderland dewelke voorsz
vermelde nu leggende siek en swaek te bedde, Egter sijn
volle verstand, memorie en uijtspraek ten vollen gebruy„
kende en overdenkende de brootheit der menschelyker
levens, en dat niet zekerder is dan de Dood, en niets
onzeekerder dan de Uure van dien, begeerende over zulx
alvoorens van deze wereld te scheyden van zyn tydelyke
goederen, hem van god almagtigh verleent te disporeeren
voor Eerst, beveelt hy zyn onsterflyke ziele, soo
wanneer die uit zyn sterffelyke Lighaem verhuysen
zal, in de handen van den barmhertigen goden Vader
en zyn dood lighaem, naa gelegenheyt des Tyds, ’t zij
aan de zee, dan wel aan de Aarde, als zynde byde
des Heeren
Voorts revoceerende, Casseerende, dooden te niet doende
alle Testamenten of te uijterste willens, dewelke by
hem Testateur bevorens mogte zyn gemaakt, en uit
Eygen en onbedwongen wille althans op nieuw ter
genaage handen van goot annagng, enoe
sijn doode lighaam de aarde, ende eerlijke
begravemis, ende nu verder over syne
tijdelijke goederen disponerende
legateert voor eerst aanden onderCoopman
en administrateur alhier S„r Willem drost
Een staale Zijtgeweer met Een goude
greep, haak, en oorijser.
verte
19.
men
1 zalighmaker
t, en seventhien,
igs, omtrent de
mij Fredrik
secretarije
Etelen.
tresse malacca.
en voor het
EComp: alhier,
en swak
n memorie,
e clercqen
Erlijk scheen,
sem was over„
en leeven,
„aukelijk, en
ntlijk de dood,
is, dog onscker„
lx hij te rade
alkwam te
hem door God
lijk te hebben
zulx uijt een
ductie, persu„
ude alvoorens
god almagtig,
berlijke
dooden te
codicillen, ofte
ville, als hij
ht, ofte
gepasseert.
