Voorts legateerd hij aan zekere ten zijnen huijse, remoreerende
vreije Christiaan vrouw Johanna De Rosavio, de helft van thuijs
daar hij thans inwoond, ende helft van alle zijne huijs meubelen
mits gaders het goud zilver en klederegie tot haar Lijf behoorende
beneevens twee slavinnen genaamt Marqueza en Sabina, Hein
daar in boven vijf hondert arcatse ropijen en Contanten gelde zi
Lande bij overlijden vvan voorsz: Johanna de Risuiro, deeze
haare Erffenisse versterven en overgaan op destuteurs hier na te
roemne erfgehaar
Ook begeerd de testateur, dat na zijn overlijden in vrijhaid zal
gesteld werden, zeker ten zijn en huijse gebooren slaven kind, gew
Maria de Rosairo, en schenkt aan dezelve meede gen montantje
van een hondert der voor melde ropijen welke penningen egter
onder van voorsz Johan de Rosairo, zullen moeten blijven
tot er tijd deeze vrij gegeevene tot hare mondige Iaaren ofte andere
bevoor regten staat zal gekoomen weezen
Wijders verklaarde de te statuur gene ouders nog wettige van
den in de waereld te hebben en overzulks tot zijn eenige en
universeel Erfgenaam, te nomineeren, en in stictueeren gelijk does
bij deezen zijne netuurlijke zoon Christossee weijde mans, en
dat val alle zijne goederen, zoo roerende als onroerende, goud zilver
gemunt, en ongemant, sleven en slavinnen, actien freditien, en gereg
„tigheeden, niets ter waereld uijtgezondert, van afhet geen na aftrek
van voorsz legaten met er dood ontruijmt en nagelaten zal warden
waar geligen ofte uijt staande mogte weezen, omme door den voorsz
Erfgenaam bezeten te werden, zonder eigen wettig verkreegen
goed zonder iemars teegenspreken
Tot Executeurs van dit testament verzoekt en benoemd de testateur
d' Eersaame Jan Zimmer van Piater Thijsz: d' eerste baas kuijsen
en de laatste vrij burger alhier woonagtig, ten einde na desselfs over
lijden, zijnen boedel taarvaarden redden en veravenen, de goederen
het sij publicq ofte onder 'srends te gelde te maken ens procedido van
dient' administreeren tot zolange de voorsz: Erfgenaum zijne
mondigo
D
