David Jansz
1730
Jn den Name Des Heeren Amen.
kennelijk zij een Jgelijk die het behoord, dat na de geboorte onses
„heeren en salegmakens Iesu Christij, a=o een duijsend seven honderd
een en dertig, den vijf en twintigsten dag van de maand februarij des
namiddags de klocke halv twee uuren ik Cornelis Kats Eerste
clercq deses Jaffanapatnamsen commandements, des versogt
verschenen ben, met de naartenoemene getuijgen, in 'scomp:s nederlands
rospitaal, en voor den persoon van david Iansz: van Conningen Corpor:l
in dienst der E: Comp: alhier ten casteele bescheijden mij eerste Clercq
en getuijgens wel bekend, zijnde siekelijk tebedde leggende, dog
zijn versland, reeden en memorie wel hebbende en gebruijkende, soo als —
ons uijtterlijk bleek, en wij niet anders konden bemercken, den
welcken tekennen gaf dat bij hem was overdagt de broosheijd van 's
menschen leeven hier op deser aarde, als den schaduwe verganckelijk
en sat 'er niet seekerder en was dan de dood, zoo als onseker is de tijd
en uure van dien, dierhalven terade was geworden, bij tijds van sijne
tijdelijke goederen hem van god almagtig verleend, te disponeeren, 'tgeen dan
rij is doende, uijt een vrij onbedwongen wille, sonder inductie, persuatie of
mislijdinge van Jmand ter wereld, beveelende eerst en voor al den teslateur
zijne onsterfselijke ziele, wanneer die zijn sterffelijke lighaam zal
hebben verlaten, in de genadige handen godes, en zijn sterffelijcke lighaam
den schoot der aarde tot een eerlijcke begravinge, na tijds gelegentheijd,
revoceerende, casseerende, dood en te niet doende, alle voorgaande
terlamenten codiecillen giste ter zake des doods, ofte eenige andere
makingen van dien, die den teslateur voor dato deses mogte hebben gemaakt
ofte gepasseerd, niet willende nog begeerende dat deselve van eenig kragt —
of effect zal zijn, maar gehouden zullen moeten werden, gelijk hij teslateur
die is houdende, voor invalide, indiervoegen of deselve nooijt waren gemaakt
ofte gepasseerd geweest, alwaar omme bij desen op nieuws ter dispositie
kedende, zoo verclaarde den testateur geen al nogh des cendenten in
leevende lijve te hebben, dierhalven bij desen tot zijn umiversele erfgenaam
of erfgenamen testellen en nomimeeren, zoo als hij steld en nomineerd
den onderschoolm:r van 'tweeshuijs alhier philip derosairo de jonge
van Jassanapatn:, en zulx uijt sonderlinge liefde affectie en
genegentheijd, en dat in alle ’tgeene den testateur met der dood zal
koomen te ontruijmen en natelaten 't zij contant, kledagien goud, zilver
„mogte
actien, crediten &amp;amp;=a, waar gelegen ofte vandaan„ gekomen wesen, niets
uijtgesonderd, ofte gereserveert omme door hem aangevaard gedaan en
gelaten tewerden, als zijn vrij en onbeswaard goed, zonder becroon
moeijenisse off consent van Jmand terwereld, weshalven hem ook
bij desen Jnstitueerende met volkomen regt van institutie tot
Executeur van dit testament, secludeerende dierhalven den Curateur
adlites en alle andere magistraal persoonen die amptshalven met de
nalatenschappen van den testateur zouden willen bemoeijen, niet
temen haar E:s voor de moeijte die zij anders zouden willen nemen
Eerbiedigsbedanckende, eenelijk stellende voor zoo verre des
teslateurs verdiende en te goed behoudene gagie aangaat tot
Executeur van dit zijn testament, d’ Edele heeren bewind hebberen
ter Camer zeeland, van waar hij anno 1713. voor soldaat met ƒ9:
is uijtgevaren, waar toe hij teslateur haar Edele bij dese op
tnedrigst versoekt, dog verders niet
alle 'tgeene voorsz: staat den teslateur van woorde tot woorde voorgelesen
en
1
J
ugit
