le
Al het gunt voorschrieven slaat de testateuren wel en duijdelijk
vevedeti d1 d17 7 76
9
Regateerende wijders aan de Diaconij Armen„
ter plaatsen waar hun wel Edelens serfhuijs mogten vallen
een somma van Honderd rijxdaalders ofte te zaamen
Twee Honderd Rijxdaalders munte voorschreeven
En in gevallen den wel Edelen gestrengen Heer teota„
teur de Eerstervende mogte zijn, verklaarde zijn wel
Edele gestreng te legateeren aanzijn wel Edele gestrenge
broeder Den Heer Anthonulrih van
reuren
en zuster mejuffrouw Aletta Christina
van.
Sleuren; beide te Amsterdam wornagtig ieder een
somma van Twee duijzend, aan wel voor overlijden
langstleevende van hun alleen vier Duijzend Caro„
guldens a Twingtig stuijvers ieder hollands. —
Komende als nu ter generaale dispositie
zo verklaarden den wel Edelen gestrengen heer
testateur en mevrouw de Testatrice de Langstleevende
van hun beide, tenomineeren en Institueeren
Tot derselver eenige, algeheele en universeele,
Erfgenaame of Erfgenaam en dat mal ’t geen de
Eerstervende met Er Dood zal komen te ontruijmen
en naartelaaten zo roerende als onzoerende goede
ren actien en crediten, niets uijtgezondert egter on„
„ger deese verstaende: dat de langstleevend gehou„
„ven en Verpligt zal zijn uijt te keeren aan hun
Wel Edelens Drie zoonen en Twee Dogters David
stijgers, zestien — Hermanus Willem Vijfttien
Abraham Eliza, Vier Mletta Anthonia
tien en Adriana Johanna van Pleuren
Twee Jaaren oud, beneevens zodanige kind ove kin
„deren als hun wel Edelens gestrengen Heer
Testatiuer
