gebruijkende, te hebben overdagt de zeekerheijd des doots,
En de onzekere uuren van dien, dierhalven te raden
geworden ben, alvorens van dese wereld te schijden, —
met mijn wel bedagte zinnen, en memorie, uijt mijn
Eijgen, vrije ende onbedwougen wille en begeerte, sonder
versuatie van ijmand, selvs temaken, En beschrijven
dese mijn testament En laaste wille, begeerende,
dat deselve, na mijn dood volkoomen kragt hebben,
En stand grijpen mitsgaders Effect sorteeren zal
het zij als testament, off codicille en uijtterste
willen soo als dat na regten, ende Costuijmen
op batavia in oost indie, best sal kunnen, en
mogen bestaan Revocere kasseere, en te niete
doende ik testateur dierhalven, bij desen, alle
voorgaande testamenten, of Codicillen, welken
ik voor dato deses mogte hebben gemaakt,
ende voornamentlijk die van den Jare 1727., of 1728
tot middelburg in Zeeland, voor den doenmaals
aldaar zijnde notaris Ketivel, en getuijgen, voor
mijn vertreck na batavia gepasseerd, niet willende
offte begeerende dat deselven, het zij in het geheel„
ofte aan Eenige deelen kragt hebben, ofte
Effect sorteeren zal of sullen / ende als nu op
nieuws disponeerende.
Soo verklaar ik testateur bij desen te lega„
teeren, aan het lasarushuijs van batavia, een
sommetje van vijff en twintigh rd=s, ende aan de
diaconij armen van Banda thien rd=s uijtmakan
tesamen vijff en dertigh rd=s.
wijders legateere, en schenk ik testateur uijt
mijn nalatenschap aan mijn goede vrind mons=
Christiaan betkij, sergiant aan de rotterdammen
poort
