In den Naame des Heeren Amen: ik
Adriaen Calle was burger alhier staande op mijn vertre„
na Batavia overdagt hebbende de zekerheijd des doods
en de onsekiere uuren van dien, ben dier halven te raede
geworden, om van mijn teijdelijke middelen van god al
=magtig genaadiglijk geschonken te disponeeren, zoo„
als ik de mits desen, dog Eerst en alvoorens revoreere
„de Casseerende doot en te niet, doende alle aendere te
„tament en zooten van uijterste Willens voor dato de
ses bij mij gemaakt of gepasseert niet willende dat
die eenig effect zullen zorteeren, Ende als nu op nu
uws disponeeren verklaarde ik eerstelijk te legateeren
en bespreken aen de vrije Christen vrouw Christina hoor
=lin van Maccassar een zomma van Een hondert n
van 48 sw:s stuijvs eens zonder meer:
als mede aan de hier na te noemene Executeurs te
„men meede eene zomma van Een hondert nd„s
ende zulkx in vergeldinge van hun aen te wenden
moeijte tot mijn Eerlijke begraaffenisse, ende als nu
generaale dispositie treede zoo: verklaare ik tot mijn
uniferzeele erff genaam te nomineeren en instituuren
mijn Zoon Iohannes Calle was, en de zulks in alle 4
roerende als onroerende goederen actien Crediche
endo geregtigheeden goud silver Juweelen slaaven en
slaavinnen niets ter weereld uijt gesonert omme daar
meede te doen en handelen als vrij eijgen goed, zonder
tegen spreekinge van imand:
wijders verklaarde ik aen D: E: Carel Iachobs onder
Coopman en protempore fiskaal alhier schuldig te weest
en zomma van vijff hondert rd„s waar voor mijne
=
drie erffen onder zeijn E: verbonden zeijn.
Tot Executeurs van mijn boedel als meede uijt voerders
=ner begrafffenisse en magten over mijn onmondig kint
stel ik aen voorn: Exarel Jac„obs onder Coopman en pr
„interum fishal als meede Mons„r Christofffel Castelijn
boas
