Iuhan Paul Coolman 1763
Copia
wij ondergeteekende, bekennen met de waerheijd,
dat op den 11:e maart Savonds ten 7:' uuren, den
aneeren daags daarop overleedene Lerg:t Iuilius Tane
Coolman van Enbeek, den Ling: Commandant alhier
et
Marinus Vrobert Derhuijsen, heeft bij zig Laeten
vrhoepen, om desselfs Laaste dispositie, over zijn nalae„
„tenschap aantekoeren, het welke hem toegestaan
En heeft den overleedene zig te dier tijd, in presentie
van ons zeeren getuigen; aan voorn: Lup:t Comm:t
aldus verklaart dat hij met volle verstand, neeeren en
wille, zijn kust zoo op Soerabaija bij den aldaar
zijnde Zerg:t adjudant Eenigen in verwaaring was, aan
denselven vermaakte; daarentegen zo even gen:
zergeant adjudant Eenigen ik geene den overleedenen,
aan hem debetwas, moeste afsteekenen: het alhier
zijnde goed, bestaande in eenige kleijnigheeden en
plimwcagie, heeft den overleedene aan voorn: Lunp:s
Conmt: en eenige anderen vermaakt; aanbij ver„
„logt, deese zijn Laaste wille, na desselfs over„
„leijden voltrokken mogte werden
Dit met der waerheijd, alzoo aangehoord hebbende
hebben wij deese, met ons Eijgerhan omteteekend
zoo gesetua adijre den 25:1 april a„o 1768. /:was get:/
J A: misusch, onder Chijrurgijn, Swidorschij, Iohannes
Born, W=m Eens, Jacob Pordrom, Slerius Keseler
/als getuigen / en daar ondestond:/ Pieter Frans Kmieheijm
Cort„ is op den 1:' deeser na Sourabaija als ziek ver„
„brokken / geteekd/ Frans Pieter J hieheijn.
Accordeer
P„: M:J Vshin
Exetraat
1

it
77
e1
